SaaS-beheerders: jullie zitten hier goed!
Beheerders van omgevingen met zelfhosting en beheerde hosting: lees informatie over LTI die specifiek is voor jouw implementatie.

Learning Tools Interoperability is een initiatief dat wordt voorgezeten door het IMS Global Learning Consortium en dat is bedoeld om cursusleiders in staat te stellen leerprogramma's naadloos te integreren in een cursus. Het omvat een standaardprotocol voor het opzetten van een vertrouwde relatie tussen de toolverstrekker en het Learning Management System zodat studenten en leraren een naadloos geïntegreerde ervaring met de tool hebben binnen het kader van hun cursus. Zie het Engelstalige artikel van IMS Global Learning over LTI.

Cursusleiders die externe programma's gebruiken (bijvoorbeeld voor virtuele wetenschappelijke experimenten, interactieve demo's of beoordelingen) die voldoen aan de standaard, kunnen in hun cursus URL's opgeven die fungeren als koppelingen naar leerprogramma's. Koppelingen naar leerprogramma's kunnen worden aangepast door cursusleiders of beheerders om gepersonaliseerde informatie toe te voegen en het verbindingsproces eenvoudiger te maken voor gebruikers.

LTI-tools worden in Blackboard Learn verwerkt net als elke andere tool van derden. De algemene beschikbaarheid van LTI-tools kun je instellen in het configuratiescherm voor systeembeheer. Selecteer hiervoor Tools onder Tools en functies. Zie Tools beheren voor meer informatie. Als je daar klaar bent, gebruik je de knop Terug van je browser om hier terug te keren.


Providers van LTI-tools beheren

Cursusleiders kunnen de koppelingen naar leerprogramma's afzonderlijk beheren door sleutels en configuratiegegevens van de provider op te geven wanneer ze de URL gaan maken in een cursus. Zie Inhoud uit externe bronnen toevoegen voor informatie voor cursusleiders.

Als binnen een instelling verschillende cursusleiders dezelfde toolprovider gebruiken, kunnen ook beheerders de gegevens van providers voor het hele systeem beheren. Dit is trouwens ook een manier om cursusleiders te helpen bij het maken van URL's voor leerprogramma's.


LTI-tools in- of uitschakelen voor cursussen en organisaties

Dit gedeelte is alleen van toepassing op versies van Blackboard Learn voor ontwikkelaars die zijn gemaakt van een installatiekopie van een AWS Amazon-machine.

Je kunt de standaardinstellingen voor LTI-toolproviders beheren. Je kunt deze instellingen op individuele basis vervangen wanneer je een bepaalde provider gaat configureren.

  1. Selecteer in het configuratiescherm voor systeembeheer de optie Providers van LTI-tools > Algemene eigenschappen beheren.
  2. Onder Beschikbaarheid functies stel je Ingeschakeld in cursussen en Ingeschakeld in organisaties in op Ja om LTI-tools in te schakelen of op Nee om ze uit te schakelen.
  3. Selecteer Verzenden.

Algemene eigenschappen van LTI-toolproviders configureren

Je kunt de standaardinstellingen voor LTI-toolproviders beheren. Je kunt deze instellingen op individuele basis vervangen wanneer je een bepaalde provider gaat configureren.

  1. Selecteer in het configuratiescherm voor systeembeheer de optie Providers van LTI-tools > Algemene eigenschappen beheren.
  2. Selecteer onder Beschikbaarheid functies de standaardbeschikbaarheid van koppelingen naar leerprogramma's. Als je koppelingen naar leerprogramma's niet-beschikbaar maakt, wordt de extra configuratiefunctionaliteit verwijderd uit de werkstroom Webkoppeling maken voor cursusleiders, en worden alleen standaard-URL's ondersteund in die werkstroom.
  3. Beheer de instellingen onder Beschikbaarheid functies:
    • Selecteer een optie voor Koppelingen naar toolproviders maken.
      • Met Koppelingen toestaan naar toolproviders die niet expliciet zijn uitgesloten kunnen gebruikers koppelingen toevoegen naar leerprogramma's van elke provider die de beheerder niet specifiek heeft uitgesloten in de beheerinstellingen voor providers van LTI-tools.
      • Selecteer Koppelingen toestaan naar alle toolproviders, maar goedkeuring vereisen voor elke nieuwe provider als gebruikers koppelingen naar leerprogramma's van elke provider mogen toevoegen, maar de koppelingen pas worden ingeschakeld nadat de beheerder de status van de provider heeft gewijzigd in Goedgekeurd.
      • Met Alleen koppelingen toestaan naar goedgekeurde toolproviders kunnen gebruikers alleen koppelingen naar leerprogramma's toevoegen van provider die al zijn goedgekeurd door de beheerder.
    • Geef aan of een toolprovider cijfers mag posten naar Grade Center.
      • Dit is een algemene instelling. Als je dit toestaat, accepteert Blackboard Learn cijfers die zijn gepost door externe toolproviders, maar alleen cijfers in kolommen van Grade Center die zijn gemaakt door de plaatsing van toolproviders in cursussen.
      • Een toolprovider kan deze instelling alleen benutten als de provider is geconfigureerd met een plaatsing die beoordeling toestaat.
  4. Stel bij Standaardconfiguratie opties in voor gebruikersgegevens en bevestigingsberichten. Hierdoor beschikt het systeem over standaardwaarden voor de gegevens die worden verstuurd naar het leerprogramma, evenals voor meldingen en bevestigingen voor gebruikers.
    • Gebruikersgegevens verzenden: selecteer Nooit, Gebruikersgegevens alleen verzenden via SSL of Gebruikersgegevens verzenden over elke verbinding. De standaardinstelling is dat gegevens via elke beschikbare verbinding worden verzonden omdat er toch geen vertrouwelijke gegevens, zoals gebruikersnamen en wachtwoorden, worden verstuurd.
    • Te verzenden gebruikersvelden: geef aan welke gegevens er moeten worden verstrekt aan het leerprogramma wanneer de gebruiker de koppeling opent. Je kunt elke combinatie van Rol in cursus, Naam en E-mailadres selecteren. Afhankelijk van de aard van de toolprovider, kunnen er specifieke vereisten gelden waarvoor het noodzakelijk is dat sommige van deze gegevens of alle gegevens worden doorgegeven aan de provider. Dit kan trouwens ook nodig zijn om specifieke functionaliteit van de provider te ondersteunen.
    • Bevestigingsbericht gebruiker weergeven: geef aan of er een bevestigingsbericht wordt weergegeven wanneer een gebruiker op de koppeling voor een leerprogramma klikt, zoals een bericht dat de omgeving van Blackboard Learn wordt verlaten en er een externe site wordt geopend. Met Ja wordt het bericht ingeschakeld en met Nee schakel je het uit, waardoor gebruikers direct naar de pagina van de toolprovider kunnen gaan.
    • Berichttekst: als je Ja selecteert voor Bevestigingsbericht gebruiker weergeven, typ je hier de tekst voor het bericht.
  5. Selecteer Verzenden.

Een nieuwe provider van LTI-tools toevoegen

Je kunt nieuwe toolproviders toevoegen met behulp van Domein van provider registreren.

  1. Selecteer in het configuratiescherm voor systeembeheer de optie Providers van LTI-tools.
  2. Selecteer Domein van provider registreren.
  3. Typ een waarde voor Providerdomein, zoals www.example.com.
  4. Selecteer een waarde voor Status providerdomein - Goedgekeurd of Uitgesloten. Goedgekeurd is de standaardinstelling. Als je Uitgesloten selecteert, kunnen gebruikers geen toolkoppelingen toevoegen aan die provider.
  5. Voer eventueel namen van secundaire hosts in voor de provider. De provider kan deze informatie verstrekken.
  6. Toolproviders kunnen configuratie aanbieden voor de hele site, of voor elke afzonderlijke koppeling. Als de provider configuratie voor de hele site toestaat, selecteer je Algemeen instellen en voer je waarde in voor Sleutel toolprovider en Geheime sleutel toolprovider. Als je bij Standaardconfiguratie de standaardwaarde Afzonderlijk voor elke koppeling instellen handhaaft, moeten gebruikers voor elke nieuwe koppeling de sleutel en de geheime sleutel invoeren.
  7. Gebruik het tekstvak Aangepaste parameters toolprovider om eventuele aangepaste parameters in te voeren die vereist zijn door de toolprovider.
    • Elke parameter moet op een eigen regel staan.
    • Parameters moeten de syntaxis "naam=waarde" hebben.
    • Aangepaste parameters kunnen sjabloonvariabelen bevatten die worden omgezet aan de hand van gegevens uit Learn. Gebruik hiervoor de notatie voor Learn-parameters @[email protected] user.full_name @[email protected]..

  8. Bij Instellingsbeleid worden voorkeursinstellingen weergegeven op basis van de hierboven geconfigureerde algemene eigenschappen. Je kunt hier instellingen beheren voor de specifieke provider.

    Alle instellingen die je selecteert voor de specifieke provider overschrijven de algemene eigenschappen.


Een nieuwe provider van LTI 1.3-tools toevoegen

Als je een app registreert in het ontwikkelaarsportaal, kun je deze met een LTI 1.3-tool toevoegen aan je Learn-omgeving.

  1. Selecteer in het configuratiescherm voor systeembeheer de optie Providers van LTI-tools.
  2. Selecteer LTI 1.3-tool registreren.
  3. Voer in het veld Client-ID de toepassings-ID in van de toepassing die je hebt geregistreerd. Als je de toepassing niet hebt geregistreerd, neem je contact op met de ontwikkelaar van de toepassing om de client-ID aan te vragen.
  4. Selecteer Verzenden.
  5. Je wordt naar een pagina geleid waarop de configuratie-instellingen van de toepassing uit het ontwikkelaarsportaal worden weergegeven. Deze waarden zijn alleen-lezen en kunnen niet in Blackboard Learn worden gewijzigd. Bij Instellingsbeleid worden voorkeursinstellingen weergegeven op basis van de hierboven geconfigureerde algemene eigenschappen. Je kunt hier instellingen beheren voor de specifieke provider.

    Alle instellingen die je selecteert voor de specifieke provider overschrijven de algemene eigenschappen.

  6. Selecteer Verzenden om de tool te registreren.


Providerstatus beheren

Op de pagina Providers van LTI-tools staan de providers van LTI-tools en hun actuele status:

  • Goedkeuring nodig: als je Koppelingen toestaan naar alle toolproviders, maar goedkeuring vereisen voor elke nieuwe provider hebt geselecteerd in de algemene eigenschappen, krijgen nieuwe toolproviders deze status totdat je ze hebt goedgekeurd.
  • Goedgekeurd: providers met deze status zijn goedgekeurd, en de koppelingen naar hun leerprogramma zijn actief.
  • Uitgesloten: gebruikers kunnen geen toolkoppelingen toevoegen naar providers met deze status.

De status van een toolprovider wijzigen of de provider verwijderen

  1. Selecteer in het configuratiescherm voor systeembeheer de optie Providers van LTI-tools.
  2. Gebruik de selectievakjes om de gewenste toolprovider te kiezen en selecteer vervolgens Goedkeuren, Uitsluiten of Verwijderen.

Posities beheren

Nadat je een nieuwe LTI-provider hebt toegevoegd, wordt deze vermeld in de lijst met LTI-providers. Vanuit die lijst kun je de tool overal in Learn toevoegen. Het is niet verplicht om de tool een naam te geven en op te nemen in een menu in Learn, maar op die manier kunnen gebruikers de tool wel gemakkelijk vinden en gebruiken. Cursusleiders die de LTI-tool aan hun cursussen toevoegen, hoeven de URL of geheime sleutel van de tool niet te weten. Als een toolprovider geen plaatsingen (ook wel 'posities' genoemd) heeft, kunnen cursusleiders de tool nog steeds gebruiken in cursussen, zoals wordt beschreven in Inhoud uit externe bronnen toevoegen.

  1. Open op de pagina Providers van LTI-toolshet menu van de tool en selecteer Posities beheren.
  2. Selecteer Positie maken.
  3. Typ een waarde voor Label. Dit is de naam die gebruikers zien in een cursus.
  4. Voeg een beschrijving toe als de tool wordt opgenomen in het menu Tools van studenten. Cursusleiders zien deze beschrijving niet.
  5. Geef een waarde op voor Ingang. Aangezien dit de database-vermelding wordt, moet deze uniek zijn en alleen alfanumerieke, onderstrepingstekens of streepjes bevatten.
  6. Selecteer Ja of Nee om de plaatsing al dan niet beschikbaar te maken. Voor koppelingen die worden beheerd door een Building Block kun je een LTI-plaatsing op niet-beschikbaar zetten. Gebruikers zien de tool dan eenmaal, in plaats van zowel Building Block- als LTI-toolkoppelingen voor dezelfde tool.
  7. Selecteer een optie bij Type:

    Je kunt het type positie niet wijzigen voor een bestaande positie. Je moet een nieuwe positie maken om het type aan te passen.

    • Een cursustool wordt weergegeven voor geselecteerde gebruikers wanneer ze een cursus openen:
      • Studenten kunnen de tool openen in het menu Tools van studenten. De beschrijving helpt dan om te bepalen waarvoor de tool bedoeld is.
      • Tools die niet bedoeld zijn voor studenten zijn beschikbaar voor cursusleiders en cursusbouwers. Deze tools worden weergegeven in het gedeelte Cursusbeheer van een cursus in de originele ervaring en in het menu Boeken en tools van een Ultra-cursus.
    • Door een tool voor cursusinhoud te plaatsen, kunnen cursusleiders de tool toevoegen aan hun cursusinhoud. Beheerders kunnen een van de volgende twee opties selecteren, maar niet allebei:
      • Selecteer Ondersteunt diepe koppelingen om ervoor te zorgen dat cursusleiders en cursusbouwers de LTI-tool mogen starten en inhoud mogen toevoegen vanuit de toolprovider, in plaats van via de Blackboard Learn-interface. Wanneer Ondersteunt diepe koppelingen is geselecteerd, geeft de inhoud die de toolprovider retourneert aan of het kan worden beoordeeld. Als de toolprovider zo is geconfigureerd dat de cursusleider in één importbewerking meerdere inhoudsitems kan selecteren, kun je met deze tool tijd besparen en de werkstroom vereenvoudigen.
      • Selecteer Beoordelen toestaan om beoordelingsfuncties toe te voegen aan de tool, zoals einddatums en het mogelijke aantal punten.
    • Een systeemtool kan worden geopend zonder eerst een cursus te openen. In de originele ervaring wordt de tool weergegeven in het menu Tools van het tabblad Mijn instelling. In de Ultra-ervaring wordt de tool weergegeven in het gedeelte Tools van de basisnavigatie. Je kunt ook een systeemtool in een instellingspaginamodule plaatsen.
    • Beheerders kunnen een beheerderstool toevoegen aan het menu Tools en functies in het configuratiescherm voor systeembeheer.
  8. Schakel het selectievakje in als je deze tool wilt starten in een nieuw venster.
  9. Voeg een pictogram voor de tool toe door de knop Bladeren te selecteren en een afbeelding van 50 x 50 pixels te uploaden. Als deze LTI-plaatsing zich bevindt in een cursus met de originele cursusweergave, wordt het pictogram met de koppeling weergegeven in de lijst Tools. In de Ultra-cursusweergave wordt het pictogram samen met de koppeling weergegeven in de inhoudsmarkt, maar wordt het pictogram weggelaten bij de koppeling op de pagina Cursusinhoud.
  10. Voer de gegevens van de toolprovider in. Meestal zijn dit de gegevens die je ook hebt opgegeven bij het maken van de tool, tenzij je meerdere plaatsingen voor dezelde geregistreerde provider maakt.
  11. Selecteer Verzenden.