De instelling bepaalt welke tools beschikbaar zijn in de originele cursusweergave. De cijferlijst is altijd beschikbaar voor cursusleiders in de Ultra-cursusweergave.

Berekende kolommen

Ziet het er niet bekend uit? Ga naar de Help van de Ultra-ervaring voor informatie over het berekenen van cijfers.

In Grade Center kun je cijfers berekenen met behulp van berekende kolommen. Berekende kolommen combineren gegevens uit verschillende kolommen om prestatieresultaten te genereren. Deze resultaten kun je delen met studenten en de instelling.

Je kunt een berekende kolom toevoegen als je een andere berekende kolom gaat maken. Als je bijvoorbeeld een berekende kolom hebt gemaakt voor de weging van de cijfers voor een vragenlijst, kun je die kolom toevoegen wanneer je een kolom gaat maken voor het berekenen van het eindcijfer.

Als je meer informatie wilt, open je het menu van een berekende kolom en selecteer je Beknopte kolomgegevens. In het geval van berekende kolommen wordt bij Mogelijk aantal punten de tekst (kan per student verschillen) weergegeven omdat sommige studenten misschien zijn vrijgesteld voor een toets of opdracht of omdat ze niet alle items hebben verzonden die zijn meegenomen in de berekening van de kolom.

Je kunt de instellingen van een berekende kolom wijzigen en aanpassen wat er wordt opgenomen in de berekening. De berekening wordt vervolgens automatisch bijgewerkt.

Een berekende kolom met een beoordeling in de vorm van tekst wordt niet opgenomen in de berekening van de kolom. Als in een kolom bijvoorbeeld tekstwaarden worden weergegeven, zoals Voldoende/Onvoldoende, kun je deze kolom niet gebruiken bij het berekenen van cijfers.

Je kunt niet in de cel van een berekende kolom typen om het berekende cijfer te wijzigen. Er is geen menu beschikbaar voor de cellen van de kolom.

Een nieuwe cursus bevat standaard twee berekende kolommen: Totaal en Gewogen totaal.

Waarom bevat de cijferwaarde cijfers achter de komma?


Totaalkolommen

Een totaalkolom is een berekende kolom waarin een cijfer wordt weergegeven dat is gebaseerd op het cumulatieve aantal punten dat is ontvangen, in verhouding tot het maximale aantal punten. U kunt aangeven welke kolommen en categorieën worden opgenomen in de berekening van een totaalkolom. Als je een totaalkolom maakt, kun je ook andere berekende kolommen gebruiken.

Een nieuwe cursus bevat standaard een totaalkolom. Je kunt de naam of instellingen van deze standaardkolom wijzigen. Daarnaast kun je bepalen welke kolommen worden gekoppeld aan de totaalkolom en kun je de kolom verwijderen.

Formule voor totaal aantal punten

Tel het mogelijke aantal punten voor alle geselecteerde kolommen op om te berekenen wat de maximale score is. Tel vervolgens alle scores op die een student heeft gehaald voor alle geselecteerde kolommen. Dit is het totale aantal behaalde punten ten opzichte van het totale aantal mogelijke punten. Uitgesloten items worden genegeerd. De resultaten worden weergegeven op basis van de gekozen opties voor Primaire weergave en Secundaire weergave.

Behaalde punten kolom 1 + Behaalde punten kolom 2 + Behaalde punten kolom 3 + Behaalde punten kolom 4 = totaal aantal behaalde punten van het totaal aantal mogelijke punten

Voorbeeld: Student A

Acht waarden: 8/10, 3/5, 2/2, 3/7, 47/50, 20/25, 88/100

Aantal behaalde punten: 171

Aantal mogelijke punten: 199

Totaal aantal punten: 171/199


Een totaalkolom maken

  1. Open in Grade Center het menu Berekende kolom maken en selecteer Totaalkolom.
  2. Typ op de pagina Totaalkolom maken een naam en eventueel een beschrijving. Deze naam wordt gebruikt als de kolomnaam in Grade Center en op de pagina Mijn cijfers van studenten. Als de naam te lang is om goed te worden weergegeven in Grade Center, kun je een kortere naam typen in het vak Weergavenaam Grade Center. Alleen de eerste 14-15 tekens van de naam worden weergegeven in de kolomkop in het raster van Grade Center.
  3. Maak een keuze in het menu Primaire weergave. U kiest hier hoe het cijfer wordt weergegeven in Grade Center en op de pagina Mijn cijfers van studenten. Als je aangepaste cijfertoekenningsschema's hebt gemaakt, worden deze ook aangeboden in de lijst. De vervolgkeuzelijst bevat vijf standaardopties:
    • Score: Een numeriek cijfer is de standaardinstelling. Als je geen keuze maakt, wordt er dus een score weergegeven in het raster.
    • Letter: Er wordt een beoordeling in de vorm van een letter weergegeven. Het omzetten van cijfers in letters gebeurt aan de hand van het standaardcijfertoekenningsschema. Een score van bijvoorbeeld 21/30 komt overeen met 70% en wordt weergegeven als een C.
    • Tekst: Er wordt tekst weergegeven in de kolom als je een aangepast cijfertoekenningsschema met tekstwaarden maakt. Enkele voorbeelden van tekstwaarden: Uitstekend, Zeer goed, Goed, Redelijk en Slecht, of Voldoende en Onvoldoende. Als er geen cijfertoekenningsschema met tekstwaarden is gemaakt, en je toch de optie Tekst selecteert, kun je zelf tekst typen in de kolomcellen. Als u de kolomresultaten wilt weergeven op de pagina Mijn cijfers van studenten, zien ze de tekstwaarden voor hun cijfers.

      Je kunt een numerieke score omzetten in tekst. Wanneer je dit doet zonder eerst een aangepast cijfertoekenningsschema met tekstwaarden te maken, en je vervolgens weer overstapt op numerieke scores, worden waarden die niet kunnen worden geconverteerd als nul weergegeven na de omzetting. Als je tekst wilt gebruiken voor cijfers, is het daarom raadzaam een cijfertoekenningsschema met tekstwaarden te maken en dit schema te koppelen aan de juiste kolommen.

    • Percentage: Er wordt een percentage weergegeven. Een score van 21/30 wordt dan bijvoorbeeld weergegeven als 70%.
    • Voltooid/niet voltooid: Als een student een item inlevert, verschijnt er een pictogram Voltooid in de kolom, ongeacht de behaalde score.
  4. Maak desgewenst een keuze in het menu Secundaire weergave. De standaardinstelling is Geen. De secundaire waarde wordt tussen aanhalingstekens weergegeven in de Grade Center-kolom. Studenten zien de secundaire waarde niet.
  5. Als er cijfertoekenningsperioden zijn gedefinieerd, kun je de kolom koppelen aan een cijfertoekenningsperiode. Als er geen cijfertoekenningsperioden bestaan, wordt het menu niet weergegeven. U kunt cijfertoekenningsperioden gebruiken om gegevens van Grade Center te filteren en berekende kolommen te maken.
  6. Geef bij Kolommen selecteren aan welke onderdelen je wilt gebruiken bij het berekenen van de kolom. In deze tabel worden de verschillende kolomopties beschreven.
    Kolomopties
    OptieBeschrijving
    Alle cijferkolommenalle afzonderlijke cijferkolommen uit Grade Center gebruiken voor de totaalkolom.
    Alle cijferkolommen in de cijfertoekenningsperiodeSelecteer een cijfertoekenningsperiode in het menu om in de berekening alleen de kolommen te gebruiken die zijn gekoppeld aan de cijfertoekenningsperiode. Als er geen cijfertoekenningsperioden bestaan, wordt het menu niet weergegeven.
    Geselecteerde kolommen en categorieënSelecteer cijferkolommen en categorieën afzonderlijk.

    Selecteer de kolommen in het vak Te selecteren kolommen en selecteer de pijl-rechts om deze kolommen over te brengen naar het vak Geselecteerde kolommen. Een kolom waarvoor de optie Deze kolom opnemen in berekeningen voor Grade Center is ingesteld op Nee, wordt niet weergegeven in de selectielijst.

    Als je in Windows meerdere items achter elkaar wilt selecteren, houd je Shift ingedrukt terwijl je het eerste en laatste item selecteert. Als je items wilt selecteren die niet naast elkaar staan, houd je Ctrl ingedrukt terwijl je de gewenste items selecteert. Op een Mac gebruik je de toets Command in plaats van Ctrl.

    Selecteer de categorieën in het vak Te selecteren categorieën en selecteer de pijl-rechts om deze categorieën over te brengen naar het vak Geselecteerde kolommen. Wanneer u een categorie selecteert, kunt u bij Categoriegegevens onder Te selecteren categorieën zien welke kolommen in de categorie zijn opgenomen. Er komen extra opties beschikbaar nadat u de categorie hebt overgebracht naar het vak Geselecteerde kolommen:
    • Als er cijfertoekenningsperioden zijn gedefinieerd, maak je een keuze in het menu Cijfertoekenningsperiode.
    • Met Cijfers wissen wordt een aantal hoogste of laagste cijfers voor elke categorie verwijderd uit de berekening. Als je geen waarden typt in de vakken, worden er geen cijfers gewist.
    • Kies Laagst te berekenen waarde OF Hoogst te berekenen waarde om alle cijfers uit de berekening te verwijderen behalve de hoogste of laagste score.

    Om een onderdeel te verwijderen uit het vak Geselecteerde kolommen, selecteer je de rode X.

  7. Berekenen als voorlopig totaal: selecteer Ja om een voorlopig totaal te berekenen. Cellen zonder gegevens worden niet verwerkt in een voorlopig totaal. Selecteer Nee om alle geselecteerde kolommen op te nemen in de berekening, waarbij de waarde 0 wordt gebruikt als er geen cijfer is ingevoerd. Hierdoor kunnen cijfers onrealistisch laag uitvallen.
  8. Selecteer de gewenste opties:
    • Deze kolom opnemen in berekeningen voor Grade Center: selecteer Ja als u de kolom wilt kunnen kiezen wanneer u zelf berekende kolommen gaat maken.
    • Deze kolom weergeven aan studenten: selecteer Ja om de kolom weer te geven op de pagina Mijn cijfers van studenten.
    • Statistieken (gemiddelde en mediaan) voor deze kolom weergeven in Mijn cijfers: selecteer Ja om samen met het cijfer statistische gegevens weer te geven aan studenten.
  9. Selecteer Verzenden.

Als je een kolom verwijdert uit Grade Center die is opgenomen in een totaalberekening, wordt de kolom ook verwijderd uit de berekening.


Wegingskolommen

Een wegingskolom of een gewogen kolom is een berekende kolom waarin een cijfer wordt weergegeven op basis van het resultaat van geselecteerde kolommen en categorieën, en de bijbehorende percentages. Als je een wegingskolom maakt, kun je andere berekende kolommen en andere wegingskolommen koppelen aan de kolom.

Een nieuwe cursus bevat standaard een kolom voor het gewogen totaal. Je kunt de naam of instellingen van deze kolom wijzigen. Daarnaast kun je bepalen welke kolommen en categorieën worden gekoppeld aan de wegingskolom en kun je de kolom verwijderen. De standaardkolom Gewogen totaal is leeg totdat u de kolommen en categorieën selecteert die in de berekening moeten worden gebruikt. Deze kolom maakt deel uit van de slimme weergave Weergave eindcijfer.

Gewogen totalen worden berekend op basis van percentages. Deze totalen worden dus niet gebaseerd op cijfertoekenningsschema's/letterscores. Kolommen die zijn gebruikt voor het berekenen van het gewogen totaal, worden met een ander cijfertoekenningsschema weergegeven dan de ingevoerde cijferwaarden. De functie van een cijfertoekenningsschema is het omzetten van een bereik met percentages in een bepaalde waarde die dan wordt weergegeven. Het schema heeft geen invloed op de berekeningen die voor het gewogen totaal worden gebruikt. In deze berekeningen worden percentages of punten gebruikt.

Wegingskolommen in de praktijk

Voorbeeld: Gewogen eindcijfer voor het hele jaar

U kunt een onbeperkt aantal gewogen kolommen maken, inclusief een gewogen kolom binnen een andere gewogen kolom. Je kunt een wegingskolom maken die is gekoppeld aan de wegingskolommen voor het kwartaal en de kolommen met de eindcijfers voor toetsen om het eindcijfer te berekenen.

(Kwartaal 1 = 15%) + (Kwartaal 2 = 20%) + (Kwartaal 3 = 15%) + (Kwartaal 4 = 20%) + (2 semestertoetsen = 30%) = (eindcijfer voor jaar*)

*In een nieuwe cursus is de standaardkolom Totaal standaard de kolom met het externe cijfer, maar u kunt ook een andere kolom opgeven voor het externe cijfer. Het externe cijfer is het cijfer dat binnen de instelling als het eindcijfer wordt gehanteerd.

Meer informatie over de kolom met het externe cijfer

Berekening van gewogen totalen voor berekende kolommen

Je kunt de cijferlijst aanpassen door wegingen te gebruiken, zodat bepaalde taken voor de cursus meer bijdragen aan de uiteindelijke score van een student dan ander cursuswerk.

Wegingen zijn handig, maar kunnen ook ingewikkeld zijn. In dit voorbeeld leggen we uit hoe Blackboard Learn een kolomtotaal berekent wanneer elk item een andere weging heeft.

Voorbeeld: je cursus bevat vijf toetsen, maar de laatste toets is een tentamen en moet zwaarder meetellen dan de andere toetsen bij het berekenen van het definitieve cijfer voor deze kolom.

De toetsen 1-4 vertegenwoordigen ieder 15% en het tentamen 40%. De toetsen hebben ook nog eens verschillende puntwaarden, zoals je hieronder kunt zien.

ItemMogelijk aantal puntenWeging
Toets 130 punten15%
Toets 230 punten15%
Toets 360 punten15%
Toets 460 punten15%
Eindtentamen100 punten40%
 280 punten100%

Hoe wordt nu het mogelijke aantal punten voor de kolom berekend? We moeten de weging toepassen op zowel de score van de student als het totale aantal mogelijke punten.

Bepaal eerst hoeveel te behalen punten er zijn voor deze kolom, op basis van de weging.

  • Toets 1: 30 punten x 0,15 = 4,5
  • Toets 2: 30 punten x 0,15 = 4,5
  • Toets 3: 60 punten x 0,15 = 9
  • Toets 4: 60 punten x 0,15 = 9
  • Tentamen: 100 punten x 0,4 = 40

De som van alle mogelijke gewogen punten in deze categorie is 67.

Laten we nu eens kijken naar de resultaten die de student voor elke toets heeft gehaald.

ItemScore van studentMogelijk aantal puntenWeging
Toets 122 punten30 punten15%
Toets 225 punten30 punten15%
Toets 340 punten60 punten15%
Toets 455 punten60 punten15%
Eindtentamen80 punten100 punten40%
 222 punten280 punten100%

We weten het maximale aantal punten voor de kolom, dus kijken we welke gewogen scores de student heeft gehaald.

  • Toets 1: 22/30 punten x 0,15 = 0,11
  • Toets 2: 25/30 punten x 0,15 = 0,125
  • Toets 3: 40/60 punten x 0,15 = 0,1
  • Toets 4: 55/60 punten x 0,15 = 0,1375
  • Tentamen: 80/100 punten x 0,4 = 0,32

De som van deze behaalde gewogen percentages is 0,7925, of afgerond 79%.

Om het gewogen scoretotaal voor deze kolom vast te stellen, vermenigvuldigen we het behaalde gewogen percentage met het mogelijke aantal gewogen punten.

0,7925 x 67 punten = 53,0975 punten


Een wegingskolom maken

De basisstappen voor het maken van een berekende kolom worden beschreven in de sectie Totaalkolommen. In deze tabel staan de opties die beschikbaar komen nadat je een categorie hebt overgebracht naar de lijst Geselecteerde kolommen.

Categorie-opties
OptieBeschrijving
Het menu CijfertoekenningsperiodeAls u een categorie hebt geselecteerd voor de berekening, kunt u het aantal gebruikte kolommen beperken door een bepaalde cijfertoekenningsperiode te selecteren.
WegingskolommenGeef aan wat de wegingsfactor is voor kolommen binnen de categorie.
  • Kies Evenredig om alle kolommen binnen een categorie even zwaar mee te laten wegen.
  • Kies Proportioneel om de weging te bepalen op basis van de toegekende punten in vergelijking met andere kolommen in de categorie.
Cijfers wissenHiermee wordt een aantal hoogste of laagste cijfers voor elke categorie verwijderd uit de berekening. Als je geen waarden typt in de vakken, worden er geen cijfers gewist.
Laagst te berekenen waarde -OF- Hoogst te berekenen waardeAlle cijfers uit de berekening te verwijderen behalve de hoogste of laagste score.

Typ een percentage voor elke selectie. De totale waarde van alle percentages moet gelijk zijn aan 100%. Klik na het toewijzen van het laatste percentage ergens in het vak om het percentage onder het vak Geselecteerde kolommen in het veld Gewogen totaal bij te werken.

Om een onderdeel te verwijderen uit het vak Geselecteerde kolommen, selecteer je de rode X.

als u een kolom verwijdert die wordt gebruikt voor het berekenen van een wegingskolom, wordt het percentage dat is toegewezen aan de verwijderde kolom ook verwijderd. De waarde voor Gewogen totaal in het vak Geselecteerde kolommen is dan niet meer gelijk aan 100%. De berekening wordt wel dynamisch aangepast door het systeem, maar misschien niet op basis van de door jou toegewezen percentages, omdat er immers een kolom ontbreekt. Percentages in het vak Geselecteerde kolommen worden niet bijgewerkt, maar het cijfer dat verschijnt in de wegingskolom in Grade Center is gebaseerd op een percentage van 100%.

Evenredige en proportionele weging

Wanneer de kolommen en categorieën die je selecteert voor de gewogen kolom verschillende puntwaarden hebben, worden deze met de optie Evenredig omgezet in percentages. Van deze percentages wordt het gemiddelde genomen om een gelijke waarde te bepalen voor elk van de items in de gewogen kolom. Bij evenredige weging krijgt ieder item dezelfde wegingsfactor bij het bepalen van het samengestelde cijfer.

Bij proportionele weging worden de onbewerkte scores van de opgenomen kolommen en categorieën bij elkaar opgeteld, waarna de som wordt gedeeld door het totale aantal mogelijke punten om voor elk item in de wegingskolom een percentage te verkrijgen. De op deze manier verkregen percentages behouden de proportionele wegingsfactor van elk item, zodat items met een hogere puntwaarde meer invloed hebben op het samengestelde cijfer.

Voorlopige totalen voor wegingskolommen

Je kunt de optie Berekenen als voorlopig totaal selecteren voor een wegingskolom. Kolommen en categorieën zonder cijfers worden niet opgenomen in het totaal van de wegingskolom dat wordt weergegeven in Grade Center.

De optie Berekenen als voorlopig totaal is van invloed op de score die voor de kolom wordt weergegeven in Grade Center. In dit voorbeeld heeft Categorie C geen scores. In het voorbeeld worden categorieën gebruikt, maar dezelfde principes gelden ook als je kolommen selecteert in plaats van categorieën.

Voorbeelden van gewogen waarden
 Categorie A

Weging 40%
Categorie B

Weging 40%
Categorie C

Weging 20%
Behaalde punten9075-
Mogelijk aantal punten100100100
Gewogen waarde90 punten * 40% = 3675 punten * 40% = 30-

Voorbeeld: Berekenen als voorlopig totaal = 82,5%

Bij berekening als een voorlopig totaal, wordt het totale percentage van de wegingskolom berekend door de som van de gewogen waarden van categorieën A en B te nemen en deze te vermenigvuldigen met 100/80. De noemer 80 is de som van de wegingen van alleen de categorieën met scores (40 + 40 = 80).

(36 + 30) * 100/80 = 82.5%

Voorbeeld: NIET berekenen als voorlopig totaal = 66%

Bij berekening als een gewoon totaal wordt het totale percentage van de wegingskolom berekend door de som van de gewogen waarden van categorieën A, B en C te nemen en deze te vermenigvuldigen met 100/100. De noemer 100 is de som van de wegingen van alle categorieën (altijd 100).

(36 + 30 + 0) * 100/100 = 66%

Wil je extra studiepunten opnemen in het gewogen totaal? Ga naar het onderwerp over extra studiepunten.


Gemiddeldenkolommen

Een gemiddeldenkolom bevat het gemiddelde voor de geselecteerde kolommen. Je kunt bijvoorbeeld het gemiddelde voor alle toetsen weergeven of het gemiddelde cijfer voor studenten in een bepaalde cijfertoekenningsperiode.

Formule voor berekenen van eenvoudig gemiddelde

Om het gemiddelde te bepalen van alle geselecteerde kolommen, wordt het percentage berekend tot vier cijfers achter de komma. De percentagewaarden voor alle geselecteerde kolommen worden bij elkaar opgeteld. Het resultaat wordt gedeeld door het aantal kolommen in de berekening. De resultaten worden weergegeven op basis van de gekozen opties voor Primaire weergave en Secundaire weergave.

(Kolom 1%) + (Kolom 2%) + (Kolom 3%) + (Kolom 4%) = % behaald gedeeld door 4 kolommen = gemiddeld percentage

Voorbeeld:

Drie waarden: 8/10, 3/5, 2/2

Overeenkomende percentages: 80,0000%, 60,0000%, 100,0000%

Totaal van de waarden: 240,0000

Aantal items: 3

Totale score gedeeld door aantal kolommen: 240,0000/3 = 80,00%


Een gemiddeldenkolom maken

De basisstappen voor het maken van een berekende kolom worden beschreven in de sectie Totaalkolommen. Selecteer bij Wegingskolommen hoe kolommen moeten worden gewogen binnen de categorie:

  • Kies Evenredig om alle kolommen binnen een categorie even zwaar mee te laten wegen.
  • Kies Proportioneel om de weging te bepalen op basis van de toegekende punten in vergelijking met andere kolommen in de categorie.

Minimum-/maximumkolommen

Een minimum-/maximum bevat het laagste of hoogste cijfer voor een selectie van kolommen. Je kunt zo bijvoorbeeld de laagste score voor alle toetsen weergeven. Je kunt instellen of de kolom al dan niet wordt weergegeven op de pagina Mijn cijfers van studenten.

Formule voor minimum-/maximumkolommen

De percentagewaarden voor alle kolommen in de berekening worden tot vier cijfers achter de komma met elkaar vergeleken, waarna de laagste of hoogste waarde wordt weergegeven. Het resultaat wordt weergegeven met maximaal twee cijfers achter de komma.

Voorbeeld:

Drie waarden: 8/10, 3/5, 2/2

Overeenkomende percentages: 80,0000%, 60,0000%, 100,0000%

Minimum: 60,00%

Maximum: 100,00%

als twee waarden exact gelijk zijn voor een minimum-/maximumkolom, is dat de waarde die in het raster van Grade Center wordt weergegeven.


Een minimum-/maximumkolom maken

De basisstappen voor het maken van een berekende kolom worden beschreven in de sectie Totaalkolommen. Selecteer bij Kolommen selecteren de optie Berekeningstype: Minimum of Maximum.


ULTRA: Berekeningen

Ziet het er niet bekend uit? Ga naar de Help van de originele ervaring voor informatie over berekende kolommen.

Je kunt gemakkelijk berekeningen toevoegen aan de cijferlijst van een cursus. Een berekening is een formule die een numeriek resultaat oplevert dat wordt gebruikt om cijfers weer te geven of toe te kennen, meestal gebaseerd op andere beoordeelde items.

Je kunt je eigen formules maken en algemene wiskundige bewerkingen gebruiken, zoals optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Daarnaast kun je groepsoperatoren (haakjes) gebruiken.

Je kunt berekeningen toevoegen gebaseerd op het gemiddelde, het totaal, of de maximale of minimale waarde van de variabelen die je toevoegt, zoals categorieën, beoordeelde items en andere berekeningen. Je kunt bijvoorbeeld een berekening toevoegen om het gemiddelde van alle opdrachten weer te geven, zodat studenten een beeld krijgen van hun prestaties als geheel. Je kunt zo veel berekeningen toevoegen als je wilt.

In de Ultra-cursusweergave heeft elke cursus één cijfertoekenningsschema dat standaard wordt gebruikt voor cijfers en berekeningen. Je kunt op dit moment geen nieuwe schema's maken, maar je kunt wel het standaardschema wijzigen.

Meer informatie over het standaard-cijfertoekenningsschema


ULTRA: Inline berekeningen maken

Selecteer in de itemlijst of in de rasterweergave van studenten het plusteken op de plaats waar je een berekening wilt toevoegen en selecteer Berekening toevoegen.

Meer informatie over de cijferlijstweergaven

Interface voor berekeningen

Voer een zinvolle titel in voor de berekening. Als je geen titel toevoegt, worden Nieuwe berekening en de datum weergegeven in de cijferlijst. Je kunt de tijdelijke tekst als de titel gebruiken als de formule op de pagina geldig is en is opgeslagen. Voer desgewenst een beschrijving in en maak de kolom met de berekening zichtbaar voor studenten. Studenten zien berekende cijfers op hun pagina Cijfers, maar de beschrijvingen of formules worden verborgen.

Bepaal hoe het resultaat van de berekening moet worden weergegeven. Kies in het menu Een cijfertoekenningsschema selecteren de optie Punten, Percentage of Letter.

Maak de formule. Selecteer in het linkerdeelvenster een functie, variabele of operator die je wilt toevoegen aan het rechterdeelvenster.

Functies en variabelen

  • Gemiddelde: Genereert het gemiddelde voor een geselecteerd aantal beoordeelde items, categorieën en andere berekeningen. Je kunt hiermee bijvoorbeeld de gemiddelde score voor alle toetsen berekenen.
  • Totaal: Genereert een totaal dat is gebaseerd op het cumulatieve aantal punten, in verhouding tot het maximale aantal punten. Je kunt selecteren welke beoordeelde items, categorieën en andere berekeningen worden opgenomen in de berekening.
  • Minimum: Genereert het laagste cijfer voor een selectie van beoordeelde items, categorieën en andere berekeningen. Je kunt hiermee bijvoorbeeld de laagste score voor alle opdrachten vinden.
  • Maximum: Genereert het hoogste cijfer voor een selectie van beoordeelde items, categorieën en andere berekeningen. Je kunt hiermee bijvoorbeeld de hoogste score voor alle discussie vinden.
  • Variabele: Selecteer een individueel beoordeeld item of berekening in het menu. Je kunt maar één variabele tegelijk toevoegen. Ga door met het toevoegen van variabelen uit het linkerdeelvenster totdat de formule klaar is.

Operatoren

  • Optellen ( + )
  • Aftrekken ( - )
  • Delen ( / )
  • Vermenigvuldigen ( * )
  • Haakje openen (
  • Haakje sluiten )
  • Waarde: Als het tekstvak wordt weergegeven in de formule, klik je in het vak om een numerieke waarde toe te voegen. Je kunt zeven cijfers vóór het decimaalteken invoeren en vier erna. Wanneer de berekening wordt gegenereerd en het cijfer wordt weergegeven in de cijferballen van studenten, staan er slechts twee cijfers achter het decimaalteken.

De formule maken

Selecteer bijvoorbeeld Totaal aan de linkerkant om die functie toe te voegen aan het venster aan de rechterkant. Vouw de lijst uit en schakel de selectievakjes in van de items die je aan de formule wilt toevoegen. Als je een categorie kiest, worden alle items in die categorie opgenomen. Je moet beoordeelde items en andere berekeningen afzonderlijk kiezen. Blader door de lijst om alle items te bekijken. Selecteer in het menu Variabele een item om dit te kiezen.

Nadat je een keuze hebt gemaakt in een menu, klik je ergens buiten het menu om af te sluiten en de selectie in het rechtervenster op te slaan. Elk element dat je aan de formule toevoegt, wordt aan het einde van de formule weergegeven. Je kunt toegevoegde elementen verslepen om de formule aan te passen. Als je een element wilt verwijderen, selecteer je eerst het element en vervolgens de X. Je kunt elke functie, variabele of operator hergebruiken.

Wanneer je Opslaan of Valideren selecteert, wordt de nauwkeurigheid van de formule gecontroleerd. Met Valideren wordt de formule rechtstreeks op de pagina gecontroleerd. Je kunt een berekening pas opslaan als deze wiskundig helemaal klopt.

Selecteer Wissen om alle elementen te verwijderen uit het rechtervenster en opnieuw te beginnen.

Voorbeeld van formule voor het totaal voor het eerste kwartaal:

Maak een berekening met de functie Totaal met daarin de categorieën Opdracht en Toets en het cijfer voor de aanwezigheid, maar zonder het cijfer voor de Pop Quiz.

De categorieën Opdracht en Toets staan in het menu Totaal. Aanwezigheid en Pop Quiz zijn afzonderlijke beoordeelde items in het menu Variabele.

Formule: Totaal van de categorie Opdracht + categorie Toets + Aanwezigheid - Pop Quiz

Als de formule niet geldig is, verschijnt er een foutbericht naast Valideren. Problemen in de formule worden rood gemarkeerd in het rechtervenster.

Voorbeelden van foutberichten:

  • Niet-overeenkomende operator: Symbolen zoals (+) of ( -) komen niet overeen met een ander deel van de formule. Voorbeeld: beoordeeld item + (niets).
  • Niet-overeenkomende functie, variabele of waarde: Dit bericht verschijnt meestal als er een operator ontbreekt tussen twee variabelen, zoals twee beoordeelde items of categorieën.
  • Sommige foutberichten zijn specifiek, zoals Niet-overeenkomend haakje openen, en geven precies aan wat er ontbreekt.

Het nieuwe berekende item wordt opgenomen in de cijferlijst. Klik in de itemlijstweergave op het pictogram Verplaatsen in de rij van de berekening om deze naar een andere locatie te slepen. De gekozen volgorde wordt ook gebruikt in de rasterweergave en op de pagina Cijfers van studenten.

Let op: Studenten zien de berekening pas nadat er een cijfer aan is toegewezen en je het item zichtbaar hebt gemaakt.

Beoordeelde items in een berekening verwijderen

Als je een beoordeeld item verwijdert dat in een berekening wordt gebruikt, zie je een waarschuwing wanneer je de berekening opent:

Er is een item verwijderd uit de cijferlijst die in deze berekening is gebruikt. We hebben de berekening waar mogelijk bijgewerkt, maar je moet deze mogelijk nog even controleren.

Het kan zijn dat je de berekening moet bijwerken. Studenten zien de bijgewerkte berekening op de pagina Cijfers als je de berekening zichtbaar hebt gemaakt.


ULTRA: Gewogen berekeningen maken

Een gewogen berekening genereert een cijfer op basis van het resultaat van geselecteerde beoordeelde items, categorieën of andere berekeningen en de bijbehorende percentages. Je kunt normale wiskundige bewerkingen gebruiken om de gewenste weging toe te passen.

Ga naar de Help van de originele ervaring voor meer informatie over hoe Blackboard gewogen items berekent.

Als je bijvoorbeeld vier toetsen hebt en één eindtoets, kun je elke toets een weging geven voor een berekening 'Gewogen toetsen'.

Selecteer de toetsen afzonderlijk in het menu Variabele en selecteer Waarde om het percentage voor elke toets toe te voegen, zoals 0,15. Voeg de benodigde operatoren toe, zoals Vermenigvuldigen en Optellen.

Basisformule:

Toets 1 x 0,15 + Toets 2 x 0,15 + Toets 3 x 0,15 + Toets 4 x 0,15 + Eindtoets x 0,40

Je kunt desgewenst haakjes gebruiken in dit voorbeeld:

(Toets 1 x 0,15) + (Toets 2 x 0,15) + (Toets 3 x 0,15) + (Toets 4 x 0,15) + (Eindtoets x 0,40)

De berekening is met en zonder haakjes geldig en levert in dit geval hetzelfde resultaat op.

Ga naar de itemlijstweergave en selecteer de berekening om het berekende cijfer van elke student te zien of open de rasterweergave van studenten en navigeer naar de kolom.


ULTRA: Toetsenbordopdrachten

Als je toetsenbordnavigatie gebruikt, kun je met Tab schakelen tussen deelvensters om een formule samen te stellen.

Voeg functies en operatoren toe aan de formule. Gebruik in de deelvenster Functie en Operator de toetsen Pijl-omhoog en Pijl-omlaag om een item te selecteren in de lijst en druk vervolgens op Enter om het item aan de formule toe te voegen.

Wijzig de volgorde van de formule. Verplaats de focus naar een item in de formule en druk op Enter. Gebruik de pijltoetsen om het item te verplaatsen en druk op Enter om het op de nieuwe positie neer te zetten.

Selecteer items voor gebruik in functies. Verplaats de focus naar een functie of variabele in de formule en druk op de spatiebalk. Selecteer in het menu de cijferlijstitems die je wilt opnemen in de formule. Druk op Esc om het menu te sluiten.