Deze informatie is alleen van toepassing op de originele cursusweergave. De instelling bepaalt welke tools beschikbaar zijn.

U kunt afdrukbare rapporten maken voor cursussen en studenten. Je kunt bijvoorbeeld een voortgangsrapport maken met alle cijfers uit een bepaalde periode voor een specifieke groep studenten in een cursus. U kunt alleen studenten kiezen binnen het cursusgedeelte dat wordt gebruikt. U moet dus per gedeelte een afzonderlijk rapport uitvoeren.

Afhankelijk van de versie van Blackboard Learn die de instelling gebruikt, krijgen studenten een bevestigingsnummer wanneer ze een opdracht hebben verstuurd. Als dat het geval is, kun je de bevestigingsnummers voor alle inzendingen van studenten bekijken in Grade Center.

Je kunt rapporten desgewenst aanpassen. Je kunt rapporten opmaken met een kop- en voettekst, een paraafregel, de datum en cursusinformatie.

Als je een rapport gaat afdrukken, wordt er maar één student per pagina weergegeven.

Een rapport maken

Open in Grade Center het menu Rapporten en selecteer Rapport maken.

Je kunt voor elk gedeelte selecties maken en tekst opgeven. Zo kun je in de voettekst de datum bewerken die wordt weergegeven als de aanmaakdatum van het rapport.

Als je de gebruikers gaat selecteren die je wilt opnemen in het rapport, kun je alleen groepen selecteren als je die vooraf hebt gemaakt.

Als je meerdere studenten wilt selecteren, houd je Shift ingedrukt terwijl je de eerste en de laatste naam selecteert. Als je studenten wilt selecteren die niet naast elkaar staan, houd je Ctrl ingedrukt terwijl je de gewenste studenten selecteert. Op een Mac gebruikt u de toets Command in plaats van Ctrl.

Je kunt een voorbeeld van het rapport bekijken voordat je dit verzendt.


Een rapport opslaan of afdrukken

Je kunt een rapport opslaan met de optie Opslaan als of een vergelijkbare optie van de browser. Het rapport wordt opgeslagen als een HTML-bestand.

U kunt een rapport afdrukken met de desbetreffende optie in uw browser (zoals Afdrukken). Selecteer de gewenste opties. Raadpleeg de online Help van je browser voor meer informatie over afdrukken.


Grade Center-statistieken

In Grade Center kun je statistische gegevens bekijken die zijn verzameld voor een kolom of een gebruiker. Pagina's met statistieken hebben het kenmerk Alleen-lezen. Je kunt op pagina's met statistieken dus geen cijfers of andere gegevens bewerken.

De pagina Gebruikersstatistieken

Op de pagina Gebruikersstatistieken kun je gegevens van de student zien plus het percentage en het totale aantal items dat op dit moment is voltooid.

Studenten bepalen zelf welke contactgegevens ze hier willen delen.

Op de pagina Gebruikersstatistieken worden de statistieken van een student vermeld. Open in Grade Center het menu van een gebruiker en selecteer Gebruikersstatistieken weergeven.

Als je vanaf de pagina Gebruikersstatistieken de gegevens van een andere student wilt bekijken, selecteer je de naam van de gewenste student in het menu Gebruiker en selecteer je Start. Gebruik de pijl-links en de pijl-rechts om naar de vorige of volgende student te gaan. Je kunt studenten mailen vanaf deze pagina via een koppeling in het gedeelte Contactpersoon.

Als je de statistieken wilt wijzigen die worden weergegeven op deze pagina, selecteer je een weergave in het menu Statistieken weergeven voor en selecteer je Vernieuwen. Standaard worden statistieken voor Grade Center als geheel weergegeven, maar als je een andere weergave kiest, verschijnen de statistieken voor die weergave.

De pagina Kolomstatistieken

De pagina Kolomstatistieken bevat statistieken voor een item voor cijfertoekenning, zoals gemiddelde, mediaan en standaardafwijking. Je kunt ook zien hoeveel beoordeelbare items er in de wachtrij staan en hoe de cijfers zijn verdeeld.

Open in Grade Center het menu van een kolomkop en selecteer Kolomstatistieken.

Je kunt gegevens van niet-beschikbare studenten opnemen in de statistieken. Open hiervoor het menu Statistieken weergeven voor en selecteer Alle gebruikers. Selecteer Vernieuwen.

Als je een andere kolom wilt bekijken, selecteer je deze in het menu Kolom en selecteer je Start. Gebruik de pictogrammen Volgende kolom en Vorige kolom om naar een andere kolom te gaan.

Beschikbare statistieken

  • Minimumwaarde en Maximumwaarde: De laagste en hoogste waarden uit alle kolommen met een toegekend cijfer in Grade Center.
  • Bereik: Het numerieke bereik tussen het laagste en het hoogste cijfer voor een item.
  • Gemiddeld: Het statistische gemiddelde van het item.
  • Mediaan: De mediaanscore van de items.
  • Standaardafwijking: Het verschil tussen de waarden van het item en het gemiddelde van het item.
  • Variantie: Een statistische aanduiding van de spreiding of variantie van de items.

Bevestiging van inzending van opdracht door studenten

Als studenten een opdracht verzenden, wordt de pagina Controleer het overzicht van verzendingen weergegeven met informatie over de verzonden opdracht en een bericht Geslaagd met een bevestigingsnummer. Studenten kunnen dit nummer kopiëren en opslaan als bewijs van inzending en gebruiken bij academische geschillen. Voor opdrachten met meerdere pogingen ontvangen studenten voor elke inzending een ander nummer. Als je instelling meldingen via e-mail heeft ingesteld voor inzendingsbewijzen, ontvangen studenten ook een e-mail met een bevestigingsnummer en andere details voor elke inzending.

Als je instelling met Blackboard Learn 9.1 van het vierde kwartaal van 2016 of eerder werkt, zijn bevestigingsnummers niet zichtbaar voor jou en je studenten. Meldingen per e-mail voor studenten en toegang voor studenten tot ontvangstgeschiedenis zijn namelijk pas beschikbaar vanaf Blackboard Learn 9.1 van het vierde kwartaal van 2017.

Jij en de beheerders beschikken nu over een opvraagbaar bewijs in het systeem, zelfs als een poging, opdracht of student later uit de cursus wordt verwijderd. Deze bewijzen worden bewaard in de cursus en zijn ook nog opvraagbaar na het archiveer- en herstelproces.

Je kunt vanuit Grade Center toegang krijgen tot de bevestigingsnummers van al je studenten. Open het menu Rapporten en selecteer Inzendingsbewijzen.

Op de pagina Inzendingsbewijzen kun je vervolgens informatie bekijken voor elke opdracht, zoals wie de opdracht heeft ingeleverd en wanneer. De inzending van groepsopdrachten wordt ook geregistreerd. In de kolom Inzender kun je zien wie de opdracht namens de groep heeft ingeleverd. In de kolom Inzending kun je zien of een student een bestand heeft ingeleverd of de inzending heeft geschreven in de editor van de opdracht.

Gebruik de menu's boven aan de pagina om de items te filteren. Selecteer Niet leeg in het tweede menu en laat het zoekvak leeg om alle inzendingsbewijzen te zien. Selecteer een kolomkop om de items te sorteren.