Bestanden en multimedia

Ziet er niet bekend uit? Ga naar de “Ultra”-help over het toevoegen van bestanden en multimedia.

Je kunt bestanden, afbeeldingen, audio en video toevoegen wanneer je inhoud maakt voor een cursus. Als je een discussie maakt, kun je bijvoorbeeld bladeren naar een videoclip op je computer of in de opslaglocatie voor bestanden van de cursus: Cursusbestanden of Content Collection.

Meer informatie over Cursusbestanden

Meer informatie over Content Collection

Afhankelijk van het type inhoud, kun je de functies in de editor gebruiken om inhoud in te sluiten in je tekst. Je bepaalt zelf hoe de inhoud wordt weergegeven en je kunt de volgorde en het uiterlijk op ieder gewenst moment wijzigen.

In sommige gevallen kun je via een speciale sectie voor bijlagen bladeren naar bestanden. Je kunt misschien ook bestanden slepen van je computer naar het gebied Bijlagen. Sleep bestanden van je computer naar de 'hotspot' in het gebied Bestanden als bijlage toevoegen. Als dit in je browser mogelijk is, kun je ook een map met bestanden slepen. De bestanden worden een voor een geüpload. Als je in de browser niet kunt verzenden nadat je een map hebt geüpload, selecteer dan Niet bijvoegen in de rij van de map om de map te verwijderen. Je kunt de bestanden dan afzonderlijk slepen en opnieuw verzenden.

Je kunt ook social media van andere websites toevoegen aan je inhoud. We noemen deze elementen van social media die in een cursus worden opgenomen ‘mashups’. In een mashup worden elementen uit twee of meer bronnen gecombineerd. Als je bijvoorbeeld een video op YouTube™ bekijkt in een cursus, maak je gebruik van een mashup.

Meer informatie over mashups

Gebruik het menu Inhoud bouwen om multimedia als afzonderlijke items in te sluiten in de inhoudslijst.



Bestanden toevoegen aan inhoud

Ziet er niet bekend uit? Ga naar de "Ultra"-help over bestanden toevoegen.

Overal waar je bestanden kunt bijvoegen in een cursus, kun je bladeren naar bestanden op je computer of in de opslaglocatie voor bestanden van de cursus: Cursusbestanden of Content Collection.

Wanneer je de functie Bestand invoegen van de editor gebruikt, kun je exact aangeven waar de koppeling naar het bestand moet worden weergegeven in de inhoud. Als je de sectie Bijlagen gebruikt, wordt het geüploade bestand direct onder de titel van het inhoudsitem weergegeven.

Meer informatie over methoden voor het bijvoegen van bestanden

De vensters Bladeren in cursus en Bladeren in Content Collection bevatten tabbladen en functies waarmee je eenvoudig kunt bladeren en zoeken naar bestanden.

  1. Browse, Upload, and Advanced Search tabs:
    • Blader naar mappen waartoe je toegang hebt. Als je toegang hebt tot Cursusbestanden, heb je alleen toegang tot de bestanden voor de cursus waarin je je bevindt. Met Content Collection heb je mogelijk wel toegang tot bestanden voor andere cursussen en bestanden die binnen de hele instelling worden gedeeld.
    • Je kunt een bepaald bestand uploaden, meerdere bestanden of een gecomprimeerd pakket.
    • Voer een geavanceerde zoekopdracht uit. Je kunt zoeken naar bestands- en mapnamen, metagegevens, bestandsinhoud, aanmaakdatum en meer.
  2. Lijstweergave en Miniatuurweergave: U kunt bestanden en mappen in Cursusbestanden weergeven als een lijst met bestandsnamen of als miniaturen (kleine afbeeldingen).
  3. Breadcrumbs: Gebruik de breadcrumbs (broodkruimels) om te navigeren naar andere mappen. Gebruik het pictogram Selecteren om de huidige maplocatie te gebruiken (het vinkje) om de map te koppelen die als laatste wordt weergegeven in de breadcrumbs van de cursus. De map wordt weergegeven in het gebied Items selecteren.
  4. Zoeken naar inhoud: Voer een eenvoudige zoekopdracht uit naar bestands- en mapnamen.
  5. Gebruik de selectievakjes om de bestanden en mappen te selecteren die je in het inhoudsitem wilt opnemen. U kunt het selectievakje in de koptekst selecteren om alle zichtbare items te selecteren. Ga voorzichtig te werk als je een map koppelt. Studenten krijgen namelijk standaard de machtiging Lezen voor de volledige inhoud van de map. Dit betekent dat studenten toegang hebben tot alle bestanden en submappen in de geselecteerde map.
  6. Items selecteren: De bestanden en mappen die u selecteert, worden hier weergegeven. Selecteer het pictogram Lijst tonen om je selecties te bekijken. Als je een item wilt verwijderen, selecteer je de bijbehorende X.

Inhoud uploaden uit Dropbox

Als je instelling de integratie met Dropbox Education heeft ingeschakeld, kunnen jij en je studenten met behulp van de mashup-tool van Blackboard Learn direct een koppeling maken met je Dropbox-inhoud. Deze tool is beschikbaar in de meeste inhoudsgebieden, Studenten kunnen bestanden ook direct vanuit hun Dropbox uploaden wanneer ze opdrachten inleveren.

Wanneer je Dropbox Education de eerste keer opent vanuit Blackboard Learn, wordt je gevraagd een account te maken of om je direct bij je huidige account te verifiëren. Wanneer je je hebt aangemeld, blader je door Dropbox en selecteer je de gewenste inhoud.

Een video over het gebruiken van de editor bekijken


Afbeeldingen toevoegen in de editor

Ziet er niet bekend uit? Ga naar de "Ultra"-help over afbeeldingen toevoegen in de editor.

Wanneer je inhoud maakt, kun je bepalen waar afbeeldingen ten opzichte van de tekst worden weergegeven. Selecteer het pictogram Afbeelding invoegen/bewerken om een afbeelding in te sluiten in het tekstgebied of een bestaande, geselecteerde afbeelding te bewerken. Je kunt ook een afbeelding insluiten of bewerken via het contextmenu (klikken met de rechtermuisknop). Een eerder toegevoegde afbeelding kun je groter of kleiner maken in het tekstgebied. Sleep hiervoor de hoeken of zijkanten van een afbeelding.

Je kunt bladeren naar afbeeldingsbestanden op je computer of in de opslaglocatie voor bestanden van de cursus: Cursusbestanden of Content Collection.

U kunt veelgebruikte afbeeldingstypen gebruiken zoals GIF, JPG, JPEG, BMP, PNG en TIF.

Als je de afbeelding niet wilt insluiten in de tekst, selecteer je het pictogram Bestand invoegen. Blader naar het afbeeldingsbestand en maak een koppeling die studenten kunnen selecteren om de afbeelding weer te geven in een ander venster of tabblad.

Afbeeldingsinstellingen

Op het tabblad Algemeen kun je een afbeeldingsbestand uploaden of een koppeling maken naar een bestand buiten het systeem. Typ of plak een URL in het vak URL afbeelding om de koppeling te maken. Je moet het protocol http:// gebruiken.

Je kunt alternatieve tekst toevoegen om de afbeelding te beschrijven voor mensen die een schermlezer gebruiken of die webpagina's bezoeken met afbeeldingen uitgeschakeld. Je kunt ook een titel toevoegen die verschijnt wanneer studenten de afbeelding aanwijzen met de muis.

Gebruik het tabblad Weergave om de positie en weergave van de afbeelding te bepalen. In een miniatuur zie je wat het effect van je keuzen is. Er worden pixels gebruikt voor de afmetingen, witruimte en de rand. Als je het selectievakje Proporties behouden inschakelt en de afmetingen wijzigt, worden de afmetingen van de afbeelding verkleind zonder horizontale of verticale vervorming.

Als je de afbeelding rechts of links van een blok tekst wilt weergeven, typ je eerst de tekst in de editor. Vervolgens zet je de cursor aan het begin van de tekst en voeg je daar de afbeelding in. Nadat je de afbeelding hebt toegevoegd via het tabblad Algemeen, ga je naar het tabblad Weergave en kies je opties voor de uitlijning, afmetingen en ruimte rond de afbeelding.

Gebruik het tabblad Geavanceerd om een alternatieve afbeelding op te geven op basis van muisactiviteit. U kunt ook bijkomende identificatie, taal en koppelingparameters instellen. Meestal is het niet nodig deze instellingen op te geven of te wijzigen.


Afbeeldingen toevoegen via het menu Inhoud bouwen

Je kunt een afbeelding insluiten, zodat deze als afzonderlijke inhoud wordt opgenomen in de inhoudslijst.

Ga naar een inhoudsgebied, leermodule, lesoverzicht of map, selecteer Inhoud bouwen om het menu weer te geven en selecteer Afbeelding. Typ een naam, en eventueel een beschrijving en alternatieve tekst. Selecteer de gewenste opties voor afmetingen, beschikbaarheid, tracering en weergavedatums. Weergavedatums hebben geen invloed op de beschikbaarheid van een afbeelding, alleen wanneer deze wordt weergegeven.

Blader naar een afbeeldingsbestand op je computer of in de opslaglocatie voor bestanden van de cursus: Cursusbestanden of Content Collection. Als de functie Mashups beschikbaar is, kun je ook bladeren naar een foto op Flickr. Je kunt een voorbeeld van de afbeelding bekijken voordat je deze verzendt.

Nadat de afbeelding is verzonden, worden de titel en afbeelding vermeld in de inhoudslijst. Je kunt de inhoud op ieder moment wijzigen. Open hiervoor het menu van de afbeelding en selecteer Bewerken.

Je kunt de volgorde van items in de lijst wijzigen via slepen en neerzetten of met de tool Volgordeaanpassing toegankelijk via toetsenbord.


Audio- en mediabestanden toevoegen in de editor

Ziet er niet bekend uit? Ga naar de "Ultra"-help over mediabestanden toevoegen in de editor.

Wanneer je inhoud maakt, kun je bepalen waar mediaclips ten opzichte van de tekst worden weergegeven. Selecteer het pictogram Ingesloten media invoegen/bewerken om een mediaclip toe te voegen aan het tekstgebied of een bestaand, geselecteerd media-item te bewerken. Je kunt ook het contextmenu (rechtermuisklik) gebruiken om de eigenschappen van een bestaande, geselecteerde mediaclip te bewerken.

Als je de mediaclip niet wilt insluiten in de tekst, selecteer je het pictogram Bestand invoegen. Blader naar het mediabestand en maak een koppeling die studenten kunnen selecteren om de media weer te geven in een ander venster of tabblad.

Blackboard Learn ondersteunt de volgende bestandstypen voor media:

  • Audio-bestand: AIFF, MP3, MIDI, MP, WAV en WMA
  • Video: ASF, AVI, MOV, MOOV, MPG, MPEG, QT, SWA, SWF en WMV

Media-instellingen

Selecteer in het menu het type media dat je wilt toevoegen. Je kunt een afbeeldingsbestand uploaden of een koppeling maken naar een bestand buiten het systeem. Typ of plak een URL in het vak Bestand/URL om de koppeling te maken. Je moet het protocol http:// gebruiken. De video wordt als voorbeeld weergegeven.

Voor de afmetingen kun je een grootte opgeven in pixels. Als er geen waarde is ingesteld, wordt de werkelijke grootte in de vakken ingevuld.

Als u het selectievakje voor Proporties behouden inschakelt en de afmetingen toevoegt, worden de afmetingen van het bestand verkleind zonder horizontale of verticale vervorming. Je kunt een voorbeeld van het bestand bekijken in het venster.

Op het tabblad Geavanceerd kun je geavanceerde weergave-eigenschappen instellen. Je kunt bijvoorbeeld de V-ruimte en H-ruimte instellen. Dit zijn de verticale en horizontale marges voor ruimte rond de ingesloten media.

Je kunt ook opties instellen die alleen gelden voor Flash-media, zoals:

  • Automatisch afspelen: de media wordt automatisch afgespeeld
  • Herhalen: de media wordt automatisch herhaald

Op het tabblad Bron kun je aangepaste HTML-code voor media invoeren. Deze functie is bedoeld voor gevorderde webontwikkelaars.


Audio en video toevoegen via het menu Inhoud bouwen

Je kunt audio en video insluiten, zodat de media als afzonderlijke inhoud wordt opgenomen in de inhoudslijst.

Ga naar een inhoudsgebied, leermodule, lesoverzicht of map, selecteer Inhoud bouwen om het menu weer te geven en selecteer Audio of Video. Typ een naam, eventueel een beschrijving en selecteer de gewenste opties voor afmetingen, beschikbaarheid, tracering en weergavedatums. Weergavedatums hebben geen invloed op de beschikbaarheid van media, alleen wanneer deze wordt weergegeven.

Blader naar een audio- of videobestand op je computer of in de opslaglocatie voor bestanden van de cursus: Cursusbestanden of Content Collection. Als de functie Mashups beschikbaar is, kun je ook bladeren naar een video op YouTube. Je kunt een voorbeeld van de mediaclip bekijken voordat je deze verzendt.

Het is raadzaam om een transcript toe te voegen, zodat dove of slechthorende studenten ook over deze informatie beschikken. Kies Bladeren om op uw computer het bestand met de tekst te selecteren en toe te voegen. Als het videobestand een MPEG-bestand is, kun je het veld Transcript bijvoegen gebruiken om een SAMI-transcriptbestand toe te voegen.

Nadat de afbeelding is verzonden, worden de titel, het transscript en de mediaclip vermeld in de inhoudslijst. Je kunt de inhoud op ieder moment wijzigen. Open hiervoor het menu van het item en selecteer Bewerken.

Je kunt de volgorde van de mediaclip in de lijst wijzigen via slepen en neerzetten of met de tool Volgordeaanpassing toegankelijk via toetsenbord.

Als een type videobestand niet wordt ondersteund en niet ingesloten wordt weergegeven, kunnen studenten het bestand downloaden om het te bekijken.


ULTRA: Bestanden, afbeeldingen, audio en video toevoegen

Ziet er niet bekend uit? Ga naar de Help van de originele ervaring voor informatie over het toevoegen van bestanden en multimedia.

Op de pagina Cursusinhoud kun je bladeren naar bestanden in OneDrive of op je computer. In sommige gevallen selecteren studenten de bestandsnaam om het bestand te downloaden en te openen. Als dat wordt toegestaan door de browser, worden bepaalde mediabestanden geopend in een nieuw venster of op een nieuw tabblad. Studenten zien een melding in hun activiteitenstreams wanneer je inhoud toevoegt.

Afgezien van de meeste afbeeldingsbestanden, worden onder andere deze bestandstypen ondersteund: DOC, DOCX, HTM, HTML, MP3, MPG, PDF, PPT, PPTX, XLS, XLSX, RTF, TXT en ZIP.

Bestanden uploaden. Selecteer het plusteken waar je bestanden wilt uploaden. Je kunt ook een map uitvouwen of maken en dan bestanden uploaden. Selecteer Uploaden om te bladeren naar bestanden op je computer of sleep bestanden van het bureaublad naar Uploaden. De bestanden worden opgenomen in de inhoudslijst.

Bestanden toevoegen vanuit Content Collection. Als er al bestanden zijn opgeslagen in Content Collection, kun je deze toevoegen aan je cursus.

Meer informatie over het toevoegen van bestanden vanuit Content Collection

Bepalen wat studenten zien. Alle inhoud wordt verborgen voor studenten totdat jij besluit om de inhoud weer te geven. Voor elk item wordt vermeld of het zichtbaar is of is verborgen voor studenten. Selecteer de zichtbaarheid om deze te wijzigen.

Druk op het toetsenbord op Tab om naar de lijst Zichtbaarheid te gaan en druk op Enter om het menu te openen. Gebruik Alt/Option + pijl-omhoog of -omlaag om een optie te selecteren.

Voeg doelen en standaarden toe. Jij en de instelling kunnen gebruikmaken van doelen om de prestaties van studenten te meten binnen programma's en leerplannen. Nadat je een bestand hebt geüpload naar de cursus, kun je een of meer doelen afstemmen. Selecteer het pictogram Meer opties in de rij van het bestand om het menu te openen en selecteer vervolgens Bewerken. Selecteer Afstemmen met doelen in het deelvenster om te zoeken naar beschikbare doelen die je met het bestand kunt afstemmen.

Studenten kunnen de doelen niet zien die je afstemt met een bestand.

Je kunt inhoud eenvoudig opnieuw ordenen, bewerken en verwijderen. Wijs naar een item om het pictogram Verplaatsen weer te geven en sleep het item naar een nieuwe positie in de inhoudslijst. Selecteer het pictogram Meer opties om het menu te openen en selecteer vervolgens Bewerken of Verwijderen. Je kunt bijvoorbeeld in het deelvenster de naam van een bestand wijzigen, een beschrijving typen die samen met het bestand wordt weergegeven op de pagina Cursusinhoud of het bestand vervangen.

Je kunt ook het toetsenbord gebruiken om een item te verplaatsen naar een andere locatie, om een item te verplaatsen naar een uitgevouwen map en om een map te verplaatsen naar een andere uitgevouwen map.

  1. Ga met Tab naar het pictogram Verplaatsen van een item.
  2. Druk op Enter om de modus Verplaatsen te activeren.
  3. Gebruik de pijltoetsen om een locatie te kiezen.
  4. Druk op Enter om het item neer te zetten op de nieuwe locatie.

ZIP-bestanden

Op de pagina Cursusinhoud kun je een gecomprimeerd pakket met bestanden uploaden, ook wel een ZIP-bestand genoemd. Studenten selecteren het ZIP-bestand om het te downloaden naar hun computer en pakken het bestand uit om de inhoud te bekijken. Selecteer Uploaden om te bladeren naar het bestand op je computer of sleep het bestand van het bureaublad naar Uploaden.

Selecteer het pictogram Meer opties van het item en selecteer Bewerken om de naam van het item te wijzigen, een beschrijving of instructies te typen of het bestand te vervangen.


ULTRA: bestanden toevoegen vanuit Content Collection

Je kunt Content Collection gebruiken voor het ordenen, delen en hergebruiken van inhoud in je cursussen en instelling. Je kunt inhoud uit Content Collection rechtstreeks toevoegen aan de pagina Cursusinhoud.

Selecteer het plusteken op de plek waar je inhoud wilt toevoegen. Content Collection is ook een optie in het menu Inhoud importeren. Selecteer Content Collection om door de bestanden te bladeren die voor jou beschikbaar zijn en om deze aan je cursus toe te voegen. Je kunt meerdere bestanden tegelijk selecteren om nog sneller te werk te gaan.

Selecteer Bladeren in Content Collection om te beginnen. Je gaat dan naar Content Collection, waar je de bestanden ziet die hier zijn opgeslagen vanuit je andere cursussen. Je hebt ook toegang tot bestanden die de instelling heeft toegevoegd en gedeeld. Gebruik de bladerfuncties om te kijken wat er allemaal beschikbaar is.

De eerste keer dat je Content Collection opent in een Ultra-cursus, kun je dit doen in het huidige venster of in een nieuw venster. Selecteer de optie die het beste voor jou werkt. Je kunt dit later altijd nog aanpassen. Selecteer het pictogram Browserinstellingen bovenaan het venster.

Wanneer je een bestand hebt gevonden dat je wilt toevoegen aan je cursus, schakel je het selectievakje naast de bestandsnaam in. Je kunt daarna verdergaan met het bekijken en selecteren van bestanden. Onderaan het venster staat hoeveel bestanden je hebt geselecteerd. Wil je de bestanden toevoegen? Selecteer Verzenden om de lijst met geselecteerde items te bekijken.

Ga vanaf de pagina Tools naar Content Collection als je door de inhoud wilt bladeren zonder inhoud toe te voegen. Je kunt ook koppelingen toevoegen naar items in Content Collection.

De lijst controleren

Je kunt de lijst met geselecteerde bestanden controleren voordat je inhoud in je cursus gaat importeren. Bekijk de gegevens onder Itemnaam, Datum gewijzigd en Grootte om er zeker van te zijn dat dit de juiste bestanden zijn. Iets vergeten? Je kunt altijd nog extra items toevoegen aan de lijst. Selecteer Terug naar Content Collection om verder te zoeken.

Als je een bestand in de lijst wilt verwijderen of wijzigen, open je het menu Meer opties voor het item. Selecteer Verwijderen als je het bestand niet meer naar je cursus wilt kopiëren. Selecteer Bewerken om de naam of beschrijving van het bestand te wijzigen.

Selecteer Opslaan om de inhoud aan de cursus toe te voegen. De bestanden worden standaard verborgen voor studenten, zodat je rustig verder kunt gaan met het samenstellen van de cursusinhoud.

De werking van Content Collection-bestanden

Als je een bestand uit Content Collection aan je Ultra-cursus toevoegt, blijft het bestand in je cursus gekoppeld aan de oorspronkelijke locatie. Houd rekening met het volgende als je Content Collection-bestanden aan je cursus toevoegt:

  • Of een student een bestand in je cursus kan bekijken, is niet afhankelijk van de bestandsmachtigingen in Content Collection. Je beheert de instellingen voor zichtbaarheid van deze bestanden op dezelfde manier als de andere inhoud van je cursus.
  • Als een bestand dat je aan je cursus hebt toegevoegd in Content Collection is bewerkt of overschreven, worden deze wijzigingen ook weergegeven in het bestand in je cursus.
  • Als een bestand dat je aan je cursus hebt toegevoegd uit Content Collection is verwijderd, is het bestand niet langer beschikbaar in je cursus. Het bestand wordt nog wel weergegeven op de pagina Cursusinhoud, maar als een gebruiker het probeert te openen, wordt er een fout weergegeven. Je kunt het 360° overzicht bekijken voordat je Content Collection-bestanden verwijdert om een goed beeld te krijgen van de gevolgen.
  • Als je een cursusbestand dat je hebt toegevoegd uit Content Collection verwijdert, blijft het bestand beschikbaar in Content Collection. Het enige bestand dat wordt verwijderd, is het bestand in je cursus.

ULTRA: Een video over het toevoegen van inhoud bekijken


ULTRA: afbeeldingen toevoegen in de editor

Ziet er niet bekend uit? Ga naar de Help van de originele ervaring voor informatie over het toevoegen van afbeeldingen.

In sommige gedeelten van een Ultra-cursus kun je de editorfuncties gebruiken om afbeeldingen aan tekst toe te voegen. Je kunt afbeeldingen toevoegen die online worden gehost of je kunt een afbeelding uploaden vanaf een lokale schijf.

Als je een grote afbeelding toevoegt, is het een goed idee om de afbeelding als een afzonderlijke tekstkoppeling toe te voegen. Studenten kunnen dan de koppeling selecteren om de afbeelding apart te bekijken. De afbeelding is dan beter zichtbaar en ze kunnen ook nog de bijbehorende tekst lezen.

Het is op dit moment niet mogelijk om in de editor berichten toe te voegen in berichten of agenda-items.

Selecteer het pictogram Afbeelding van web invoegen/bewerken. Typ of plak een afbeeldings-URL om een afbeelding in te sluiten die online wordt gehost. Je moet het protocol http:// gebruiken. Neem een beschrijving van de afbeelding op in het vak Alternatieve tekst, zodat gebruikers die de afbeelding niet kunnen weergeven, het belang van de afbeelding begrijpen.

Als je de bron of alternatieve tekst van de afbeelding wilt wijzigen, selecteer je eerst de afbeelding in de editor en vervolgens het pictogram Afbeelding van web invoegen/bewerken.


ULTRA: mediabestanden invoegen in de editor

Ziet er niet bekend uit? Ga naar de Help van de originele ervaring voor informatie over het toevoegen van mediabestanden.

Je kunt in de editor in bepaalde gedeelten van een Ultra-cursus bestanden uploaden. Bestandsbijlagen kunnen een aanvulling zijn op de tekst die je toevoegt. In discussies kun je bijvoorbeeld een afbeelding of een document toevoegen om je instructies of eerste opmerking te onderbouwen.

Het is op dit moment niet mogelijk om in de editor bijlagen toe te voegen aan berichten of agenda-items.

Selecteer Inhoud invoegen > Lokale bestanden invoegen. Blader naar een bestand op je computer. Er wordt een statusvenster geopend om de voortgang van de bestandsupload weer te geven.

Je kunt de instellingen van het bestand bewerken, zoals de weergavenaam, de alternatieve tekst en hoe het bestand wordt weergegeven. Geef aan of je het bestand als een koppeling wilt invoegen in de editor of dat je het bestand rechtstreeks wilt insluiten, zodat het inline wordt weergegeven met andere inhoud die je hebt toegevoegd.

Als je de alternatieve tekst of het weergavegedrag van het bestand wilt wijzigen, selecteer je het bestand in de editor en selecteer je vervolgens het pictogram Bijlage bewerken.

Meer informatie over de bestandstypen die je kunt toevoegen


ULTRA: bestanden uit de inhoudsmarkt invoegen

De instelling bepaalt welke tools beschikbaar zijn.

De inhoudsmarkt biedt toegang tot waardevol lesmateriaal van vertrouwde contentproviders. Je vindt er ook tools en koppelingen die de beheerder beschikbaar heeft gemaakt binnen de instelling.

Je kunt inhoud in de inhoudsmarkt rechtstreeks toevoegen aan de editor in opdrachten, toetsen en documenten van een cursus. Selecteer hiervoor Inhoud invoegen > Bestand uit inhoudsmarkt invoegen in de editor.

Selecteer een tool om deze te starten en zoek naar inhoud die je wilt toevoegen. Je kunt ook het plusteken op de kaart met tools van de instelling selecteren om de tool in zijn geheel toe te voegen aan de editor. Wanneer je tools of inhoudsitems toevoegt aan de editor, worden deze als een koppeling weergegeven.

Meer informatie over de inhoudsmarkt


ULTRA: Video's invoegen in de editor

Je kunt de optie Video van web invoegen/bewerken gebruiken om een video rechtstreeks in de editor in te voegen. De video wordt automatisch ingesloten, zodat deze wordt weergegeven naast de andere inhoud die je toevoegt. Studenten kunnen de video in hetzelfde venster bekijken en hoeven niet naar de hostsite van de video te gaan.

Op dit moment kun je alleen YouTube- en Vimeo-video's invoegen.

  1. Selecteer Video van web invoegen/bewerken in de editor.
  2. Plak de bron-URL van de video.
  3. Voeg alternatieve tekst toe om de video te beschrijven voor diegenen die schermlezers gebruiken of de video mogelijk niet kunnen laden.
  4. Selecteer Invoegen. De video wordt automatisch in de editor ingesloten.